Hoe kan het KNMI het weeralarm verbeteren?

weeralarmEr gaat tegenwoordig geen week voorbij of het KNMI geeft een weeralarm af. Soms voor het hele land, soms voor een bepaalde provincie. De ene keer geel, de andere keer oranje en in uitzonderlijke gevallen code rood. De weeralarmen zijn bedoeld om ons alert te maken, ons te waarschuwen voor mogelijk extreem weer. Maar doet het KNMI dat op de juiste manier? Heeft deze manier van waarschuwen echt effect op het gedrag van mensen? Volgen we het weeralarm netjes op en bereikt het zijn doel?

WMO: beter weeralarm

Ieder jaar zorgt extreem weer voor veel schade en slachtoffers, ook al wordt dit extreme weer vaak juist voorspeld. Volgens de WMO (World Meteorological Organization) komt dit door een afstand tussen het weerbericht en het daadwerkelijke begrip daarvan door het publiek. Standaard worden weerberichten en weerswaarschuwingen phenomenon-based gedaan. Dat wil zeggen, windsnelheden en windkracht worden genoemd. Zonder dat daarbij verteld wordt wat de mogelijke gevolgen kunnen zijn van die wind. Daarom pleit de WMO voor een begrijpelijker nieuwsbericht of weerswaarschuwingen die impact-based zijn. Dit houdt in dat je meer aandacht besteedt aan de gevolgen van het extreme weer, zodat mensen begrijpen hoe heftig het wordt (Potter, Kreft, Milojev, Noble, Montz, Dhellemmes, Woods & Gauden-Ing, 2018).

Waarom een weeralarm?

Het KNMI geeft weeralarmen niet zomaar af. Het idee van een waarschuwingssysteem is dat individuen en gemeenschappen op een adequate manier zich kunnen voorbereiden op het naderende weer. Met het idee dat ze zo de kans op schade, letsel of erger kunnen minimaliseren (Rogers & Tsirkunov, 2013). Helaas blijkt in de praktijk dat veel mensen de weeralarmen nauwelijks opvolgen. Dat komt enerzijds doordat de waarschuwingen soms uit voorzorg worden gegeven en er in de praktijk lang niet overal problemen optreden. Anderzijds kan het liggen aan de manier van waarschuwen. Potter et al. (2018) hebben dit onderzocht.

Mensen begrijpen impact-based waarschuwingen beter

Het eerste resultaat uit het onderzoek was dat mensen een impact-based waarschuwing beter begrijpen dan een phenomenon-based. Met andere woorden, aangeven dat een boom kan omwaaien wordt beter begrepen dan windkracht 9 noemen. Daarnaast gaven de participanten in het onderzoek aan dat ze een storm dreigender vinden bij een impact-based waarschuwing dan bij een phenomenon-based weeralarm. Ook zijn mensen bezorgder over een ramp als je de mogelijke gevolgen van extreem weer vertelt in plaats van de windsnelheden.

Mensen voeren gewenst gedrag eerder uit bij impact-based weeralarm

Een weeralarm wordt niet voor niets afgegeven. Het idee is dat mensen zich voorbereiden op het komende weer, zodat de kans op schade minimaal is. Uit het onderzoek van Potter et al. (2018) blijkt dat mensen eerder extra informatie zoeken bij een impact-based waarschuwing dan bij phenomenon-based weeralarmen. Overigens gingen bij beide waarschuwingen de mensen niet over tot het uitvoeren van aangedragen maatregelen. Dat gebeurde wel als de participanten al eerder een flinke storm hadden meegemaakt.

Vrouwen en mensen boven de 35 reageren beter op weeralarmen

Een laatste bevinding van Potter et al. (2018) was dat vrouwen meer geneigd zijn om te reageren op een weeralarm dan mannen. Ook leeftijd speelt een rol. Mensen boven de 35 waren eerder geneigd iets te doen met een weerswaarschuwing dan mensen onder de 35. Dit zou te maken kunnen hebben met de genoemde ervaring hierboven. De kans is natuurlijk groter dat je een keer extreem weer hebt meegemaakt naarmate je ouder bent.

Wat betekenen de resultaten in de praktijk?

Bij het uitgeven van een weeralarm wil je dat zoveel mogelijk mensen de boodschap oppikken. Het is de bedoeling dat mensen de waarschuwing begrijpen en hier adequaat op reageren. Uit het onderzoek van Potter et al. (2018) blijkt dat je daarvoor beter impact-based waarschuwingen kunt uitgeven dan phenomenon-based. Op dit moment waarschuwt het KNMI vooral phenomenon-based. We worden gewaarschuwd voor windsnelheden tot wel 100 kilometer per uur of windkracht 10. Maar we horen nooit dat het zo hard gaat waaien dat bomen uit de grond kunnen worden gerukt en dakpannen van het dak kunnen waaien. Terwijl deze laatste manier van waarschuwen dus beter begrepen wordt.

Reik praktische adviezen aan

Daarnaast is het verstandig om bij een impact-based weeralarm ook hulpmiddelen aan te dragen. Wat kun je doen tegen het extreme weer? Welke voorzorgsmaatregelen zijn verstandig om te treffen? En wat doe je mocht het toch misgaan? Mensen blijken bereid extra informatie te zoeken na het zien van een impact-based weerwaarschuwing, dan moet die informatie natuurlijk wel voorhanden zijn. Het KNMI kan hier gebruik van maken bij de weeralarmen, door een extra informatiepagina te maken. Zo kunnen de mensen zich beter voorbereiden op extreem weer en vermindert de kans op schade.

Meer weten over dit onderwerp of andere artikelen op deze site? Stuur me een mail.

Bronnen

Rogers, D. P. & Tsirkunov, V. V. (2013). Weather and climate resilience: effective preparedness through national meteorological and hydrological services. The World Bank, Washington D. C.

Potter, S. H., Kreft P. V., Milojev, P., Noble, C., Montz, B., Dhellemmes, A., Woods, R. J. & Gauden-Ing, S. (2018). The influence of impact-based severe weather warnings on risk perceptions and intended protective actions. International Journal of Disaster Risk Reduction, 30, 34-43.

Marc Wessels

Ik ben begonnen met de bachelor Communicatie- en Informatiewetenschappen aan de VU in Amsterdam. Om me meer te verdiepen in bedrijfscommunicatie heb ik de gelijknamige master gevolgd aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Daar heb ik ook mijn vaardigheden op het gebied van online communicatie en crisiscommunicatie ontwikkeld. Ik verzorg nu de marketingcommunicatie van het Taalcentrum-VU en op deze blog vertaal ik als communicatiespecialist interessante en aansprekende communicatieonderwerpen van de theorie naar de praktijk.