Framing in de media: wat zeggen die cijfers eigenlijk?

framing met nummers

Afgelopen week was in het nieuws dat het afgelopen jaar maar liefst 1250 automobilisten betrapt zijn op rijden onder invloed van drugs. Dat klinkt natuurlijk als heel veel, maar in diverse media ontbrak een referentiepunt. Hoeveel automobilisten zijn er dan gecontroleerd? Als dat cijfer ontbreekt, zegt die 1250 niet zo veel. Het is een bekende tactiek in de media: framing aan de hand van cijfers. Hoe gaat dat in zijn werk? Ik leg het je uit aan de hand van twee voorbeelden.

Drugs in het verkeer: grote stijging?

Per 1 juli 2017 heeft de politie de beschikking over een speekseltest waarmee drugs in het verkeer beter kan worden opgespoord. Nu is naar buiten gebracht dat er in het eerste jaar van de speekseltest 1250 automobilisten zijn betrapt op rijden onder invloed. RTL Nieuws meldt expliciet het cijfer 1250, maar vermeldt niet hoeveel tests er dan zijn uitgevoerd. Natuurlijk klinkt 1250 als veel, maar zonder het aantal tests dat is afgenomen weet je niet wat dat cijfer betekent. Waren er 10.000 tests, dan is het inderdaad veel. Maar hebben we het over 100.000 tests, dan valt het eigenlijk wel mee. RTL meldt ook nog dat het aantal tests volgend jaar wordt verdubbeld. Leuk, maar wat zegt dat als je niet weet hoeveel er dit jaar is getest?

De NOS spreekt van ruim duizend automobilisten onder invloed van drugs. In de volgende regel gaat het over hetzelfde aantal als bij RTL: 1250. Maar ook hier ontbreekt een referentiepunt. Bij het nieuwsbericht van de NOS is dat referentiepunt nog belangrijker, omdat ze schrijven dat de speekseltest ‘heeft geleid tot meer betrapte automobilisten’. Maar wederom, dat zegt niet zoveel als je niet weet hoeveel mensen er vorig jaar zijn betrapt. Waren het er toen 1249 of hebben we te maken met een veel grotere stijging?

Stijging of niet?

Vergelijk de volgende twee koppen eens en oordeel in welk geval de stijging het grootst was:

Beide koppen waren te lezen op de site van de NOS. De eerste kop ging over het aantal verkeersdoden van 2015 ten opzichte van 2014. In 2015 vielen 621 verkeersdoden, 51 meer dan in 2014. Een stijging van 9%. De tweede kop ging over het aantal verkeersdoden in 2016 ten opzichte van 2015. Toen was de stijging maar 1,3% (van 621 naar 629). Toch is de kans groot dat jij de tweede kop als grotere stijging hebt aangewezen. Hoe komt dat?

De kracht van taal: framing

Het heeft grotendeels te maken met framing. Framing betekent het sturen van de lezer door middel van een bepaalde woordkeuze of perspectief. Het sturen van de lezer kan vervolgens leiden tot een emotionele reactie als angst, verdriet of boosheid (Lazarus, 1991). Het op een bepaalde manier formuleren van een boodschap kan je een bepaalde indruk geven van de omvang. Kijk maar eens terug naar het voorbeeld van drugs in het verkeer. Waarschijnlijk was je eerste reactie ‘dat zijn veel gevallen!’ Logisch, want dat gebeurt automatisch met het noemen van een groot getal. Maar stel dat er 100.000 mensen gecontroleerd zijn en de media hadden gezegd: ‘1% van de automobilisten onder invloed van drugs’, vind je het dan nog steeds veel?
Framing is expliciet niet het verdraaien van de waarheid, maar door het wel of niet opnemen van bepaalde getallen kun je wel een gekleurde waarheid vertellen. Ook in het geval van de verkeersdoden gebeurt dit. Door de nadruk te leggen op jaren van daling (1e voorbeeld), klinkt de stijging van 9% minder erg. Terwijl je bij de tweede kop een grotere stijging verwacht, maar dat is dan niet het geval.

Waarom gebruiken de media framing?

De media framen bewust of onbewust veel nieuwsberichten. Vaak komt dit door de bron die aangeleverd wordt. Voor berichten over overheidscampagnes is het bijvoorbeeld belangrijk dat campagnes succesvol worden belicht. Mocht de waarheid niet heel positief zijn, dan kun je met framing er toch voor zorgen dat je jouw onderwerp zo positief mogelijk naar voren komt. Hetzelfde geldt voor bedrijven die cijfers naar buiten brengen. Door sommige cijfers nadrukkelijk naar voren te laten komen of juist weinig aandacht te schenken, ontstaat het beeld dat het bedrijf wil laten zien. Daarnaast kunnen de media via framing de publieke opinie sturen. Handig als een bepaald medium een onderwerp extra belangrijk vindt. Door er meer en positiever over te berichten, kunnen ze de publieke opinie veranderen.

Is framing een probleem?

Nee, framing in de media hoeft geen probleem te zijn. Wel is het goed om je ervan bewust te zijn dat het presenteren van bepaalde informatie ook een vorm van sturing kan zijn. Hetzelfde geldt voor woorden als stijgingen en dalingen. Als een referentiepunt ontbreekt, kun je onmogelijk bepalen of het gaat om een minimale stijging of juist een flinke toename. Ontbreekt het referentiepunt, dan heb je waarschijnlijk te maken met framing.

Meer weten over dit onderwerp of andere artikelen op deze site? Stuur me een mail.

Bronnen

Lazarus, R. S. (1991). Emotion & Adaptation. Oxford: Oxford University Press.

Marc Wessels

Ik ben begonnen met de bachelor Communicatie- en Informatiewetenschappen aan de VU in Amsterdam. Om me meer te verdiepen in bedrijfscommunicatie heb ik de gelijknamige master gevolgd aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Daar heb ik ook mijn vaardigheden op het gebied van online communicatie en crisiscommunicatie ontwikkeld. Ik verzorg nu de marketingcommunicatie van het Taalcentrum-VU en op deze blog vertaal ik als communicatiespecialist interessante en aansprekende communicatieonderwerpen van de theorie naar de praktijk.