De taal van Trump: een analyse

taal van trumpDonald Trump is nu officieel de nieuwe president van de Verenigde Staten. Met een krachtige inauguratiespeech op vrijdag 20 januari nam hij definitief de macht over. Waar over de hele wereld met angst en beven naar Amerika wordt gekeken, heeft de nieuwe president toch een enorme schare fans in de VS weten te creëren. Onder andere met zijn speeches. Maar wat doet Trump dan dat zo aanslaat? Wat is het geheim van de taal van Trump? Een analyse van zijn taalgebruik aan de hand van voorbeelden.

De taal van Trump: eenvoudige woorden

Donald Trump gebruikt in zijn speeches een beperkt vocabulaire. De afwisseling is klein en de woorden die hij gebruikt zijn eenvoudig. Als je de inauguratiespeech van Trump bekijkt, is een woord als ‘Prejudice’ één van de moeilijkste die hij gebruikt. Volgens The Guardian lijkt de taal van Trump nog het meest op h vocabulaire van een 9-jaar oud kind.

De taal van Trump: veel bijwoorden en bijvoeglijk naamwoorden

Wanneer je de speeches van Trump analyseert, zie je dat hij ontzettend vaak bijwoorden en bijvoeglijk naamwoorden gebruikt. Woorden als ‘Great’, ‘Magnificient’ en ‘Amazing’ vind je in elke speech van Trump terug. Deze woorden gebruikt hij vooral in combinatie met ‘American’, of ‘America’. Bijvoorbeeld ‘the great American flag’. Met deze combinatie speelt hij in op de emotie van zijn kiezers (pathos) en probeert hij een gemeenschappelijk gevoel van trots te creëren.

De taal van Trump: het wij-gevoel

Als er één ding sterk naar voren kwam in zijn inauguratiespeech, was het wel het wij-gevoel waarop Trump wilde inspelen. Het aantal keer dat een zin begon met ‘we’ is ontelbaar. Alles draaide natuurlijk om het volk en één van de meest beklijvende passages was dan ook ‘We are transferring power from Washington, D.C. and giving it back to you, the people.’ Donald Trump speelt hiermee in op de groeiende onvrede over de politieke elite en wil echt het volk weer op één zetten. Terwijl iedereen in de praktijk ook wel weet dat de grote politieke beslissingen alsnog door de elite genomen zullen worden.

De taal van Trump: sneren

In elke speech komt het terug: uithalen naar voorgaande presidenten of het eerdere beleid afkraken. Zo zei hij bijvoorbeeld: ‘The establishment protected itself, but not the citizens of our country. Their victories have not been your victories. Their triumphs have not been your triumphs. And while they celebrated in our nation’s capital, there was little to celebrate for struggling families all across our land.’ Oftewel, zij zijn de slechten, nu wordt het allemaal beter. En hij ging verder: ‘We’ve made other countries rich, while the wealth, strength and confidence of our country has dissipated over the horizon.’ Trump is goed in het wegzetten van zijn voorgangers, zonder ze daarbij te noemen. Juist door aan elke sneer een draai te geven, en het volk op één te zetten, weet Trump de kiezers te overtuigen.

De taal van Trump: korte zinnen

Los van of je het met de inhoud van Trump eens bent, zijn speeches zijn gemakkelijk te volgen. De syntax is verre van complex en korte zinnen voeren de boventoon. De nieuwe president van de Verenigde Staten gebruikt vaak korte tussenzinnen van enkele woorden. Dit geeft hem de kans om nadruk te leggen op het voorgaande. Ook in de inauguratiespeech kwam dit weer vaak voor. Passages als ‘Buy American, hire American’ en ‘Their success will be our success’ zijn exemplarisch.

De taal van Trump: lange opsommingen

Een klassieke regel in de overtuigingsretoriek is dat een opsomming idealiter uit drie elementen bestaat. Dit zorgt er namelijk voor dat de toehoorder het wel begrijpt, maar niet afhaakt. Donald Trump heeft echter de gewoonte om langere opsommingen te gebruiken. ‘We will bring back our jobs. We will bring back our borders. We will bring back our wealth. And we will bring back our dreams,’ bestaat uit vier elementen bijvoorbeeld. En de inauguratiespeech werd afgesloten met een opsomming van vijf elementen. Normaal gesproken te lang, maar voor Trump blijkt het te werken.

De retoriek van Trump

Ik schreef eerder over verkiezingsretoriek en had het daarbij over ethos, pathos en logos. Trump richt zich bij uitstek op pathos (het inspelen op emotie). Dankzij al het bovenstaande probeert de nieuwe president van Amerika het volk ervan te doordringen dat Amerika weer op 1 moet staan. Het land moet eerst eens zelf beter worden, voordat andere geholpen worden. Daarbij gebruikt hij voortdurend een opgeheven vinger en sterke handgebaren om zijn taal kracht bij te zetten. Waar Obama de man was die zich veelal richtte op pathos (emotie), maar toch ook op ethos (geloofwaardigheid), gaat Trump vrijwel alleen voor de emotie. Een keuze die niet goed of fout is, maar wel duidelijk is waar te nemen.

De taal van Trump werkt voor nu

Trump is de nieuwe president en dus kunnen we stellen dat zijn manier van speechen aanslaat bij veel Amerikaanse burgers. Met zijn manier van speechen creëert hij wel verwachtingen die nu ingelost moeten gaan worden. Daarom is het op dit moment nog niet te zeggen of de taal van Trump het ook gaat houden over langere tijd. Pas wanneer duidelijk wordt dat hij zijn ‘wij-plannen’ echt tot uitvoering weet te brengen kunnen we hier meer over zeggen. Het werkt, voor nu.

Meer weten over dit onderwerp of andere artikelen op deze site? Stuur me een mail.

Marc Wessels

Ik ben begonnen met de bachelor Communicatie- en Informatiewetenschappen aan de VU in Amsterdam. Om me meer te verdiepen in bedrijfscommunicatie heb ik de gelijknamige master gevolgd aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Daar heb ik ook mijn vaardigheden op het gebied van online communicatie en crisiscommunicatie ontwikkeld. Ik verzorg nu de marketingcommunicatie van het Taalcentrum-VU en op deze blog vertaal ik als communicatiespecialist interessante en aansprekende communicatieonderwerpen van de theorie naar de praktijk.

Een gedachte over “De taal van Trump: een analyse

Reacties zijn gesloten.