De linkse media, feit of fabel?

media interview

Wereldwijd vindt er een politieke verschuiving plaats. In steeds meer landen komen mensen aan de macht die tegen de gevestigde orde zijn. En ook extremere denkbeelden komen vaker naar voren. Daarbij wordt nog vaak het klassieke onderscheid tussen links en rechts gemaakt. Wat opvalt is dat politici die niet links zijn, vaak klagen over partijdige media. Maar hebben ze hier eigenlijk een punt? Is het inderdaad zo dat de media meer links zijn dan midden of rechts? En als dat zo is, hoe komt dat tot uiting?

Trump, Bolsonaro, Baudet, Wilders

In de Verenigde Staten is president Trump aan de macht. Hij is een flinke tegenstander van de media. Zij verspreiden volgens hem fake news en zijn niet te vertrouwen. Brazilië heeft Bolsonaro, ook een tegenstander van de media. Hij is tegenstander van het systeem en vormt een bedreiging voor de persvrijheid. In Nederland kennen we als voorname tegenstanders van de media Thierry Baudet en Geert Wilders. Al deze politici hebben één ding gemeen: ze zijn zeker niet links.

Tv-interviews en politieke communicatie

Een interview op televisie is wereldwijd het meest gebruikte en de best ontwikkeld vorm van politieke communicatie (Elliott & Bull, 1996). Op een eenvoudige manier bereikt een politicus zo een groot publiek om zijn of haar boodschap over te brengen. Handig om vooral de zwevende kiezers over de streep te trekken. Dan is het wel belangrijk dat iedereen gelijke kansen krijgt. In een tv-interview of debat zou iedereen gelijk behandeld moeten worden. Maar er ligt op verschillende manieren partijdigheid op de loer. Bijvoorbeeld de manier van interviewen of een verschil in aandacht. Iemand langer of korter aan het woord laten dan de anderen kan een vorm van partijdigheid zijn.

Analyse van tv-interviews

Huls en Varwijk (2011) onderzochten 12 tv-interviews met politici uit het programma Pauw & Witteman. Ze analyseerden vier interviews met linke politici, vier interviews met politici uit het centrum en vier rechtse politici. Daarbij keken de onderzoekers naar twee zaken: de bias in aandacht en de bias in vraagontwerp. Qua aandacht werd gelet op het aantal spreekbeurten en de spreektijd. Qua vraagontwerp ging het over verschillen op het gebied van initiatief, directheid, assertiviteit, oppositie, verantwoording en vasthoudendheid.

Geen verschil in aandacht

Huls en Varwijk (2011) vonden geen verschil in de hoeveelheid aandacht die een politicus kreeg tijdens het interview. Het aantal spreekbeurten (58,3) was gelijk en ook de spreektijd (15 minuten) week niet significant af. Op het gebied van aandacht kunnen we daarmee stellen dat linkse, midden en rechtse politici op gelijke wijze behandeld worden in tv-interviews.

Initiatief, directheid en verantwoording

Vragen kun je op verschillende manieren ontwerpen. Je kunt bijvoorbeeld het initiatief bij de geïnterviewde leggen. Dan formuleer je een vraag die uitnodigt tot een lang antwoord. Je kunt direct zijn, met het risico op gezichtsverlies voor de ondervraagde. Of juist indirect, zodat de geïnterviewde geen gezichtsverlies lijdt. En je kunt een politicus vragen om verantwoording. Daarmee verwijs je direct naar het partijprogramma. De onderzoekers vonden op deze drie aspecten van vraagontwerp geen verschillen tussen het ondervragen van rechtse, midden en linkse politici.

Assertiviteit, oppositie en vasthoudendheid

Assertiviteit heeft bij tv-interviews te maken met suggestieve vragen. Oppositie gaat over het durven innemen van een positie die tegengesteld is aan datgene wat de geïnterviewde vindt. En bij vasthoudendheid hebben we het over het vasthouden aan je vraag. Neem je genoegen met het antwoord of blijf je de vraag herhalen totdat je een ander antwoord krijgt. Op deze drie aspecten vonden de onderzoekers wel verschillen tussen het ondervragen van politici.

Links minder scherp geïnterviewd dan midden en rechts

De resultaten van Huls en Varwijk laten zien dat interviewers minder assertief, vasthoudend en tegengesteld zijn richting linkse politici. Het midden wordt al scherper aangepakt en rechtse politici krijgen de meeste aanvallen. Op basis van 13 verschillende factoren laten de onderzoeker zijn dat tv-interviewers ‘liever’ zijn voor linkse politici dan voor het midden en rechts. Het verschil in aanpak kan ertoe leiden dat rechtse politici minder kans hebben om hun punten goed over te brengen. En daarmee beïnvloed je als interviewer natuurlijk wel de zwevende kiezer, die het vooral moet doen met informatie op tv en internet.

De linkse media?

Het onderzoek van Huls en Varwijk (2011) is één van de eerste onderzoeken die heeft gekeken of er een verschil is in benadering op tv van linkse en rechtse politici. Een voorzichtig eerste conclusie zou kunnen zijn dat rechts inderdaad harder wordt aangepakt dan links in tv-interviews. Maar we hebben het hier over één programma en 12 politici. Het is dan ook moeilijk te zeggen of dit altijd en overal gebeurt. Daarnaast zegt het onderzoek niets over andere programma’s dan talkshows. Of de media dus compleet links zijn, zoals Trump, Bolsonaro, Baudet en Wilders stellen, is hiermee nog niet beantwoord.

Meer weten over dit onderwerp of andere artikelen op deze site? Stuur me een mail.

Bronnen

Elliott, J. & Bull, P. (1996). A question of threat: Face threats in questions posed during televised political interviews. Journal of Community & applied social psychology, 6, 49-72.

Huls, E. & Varwijk, J. (2011). Political bias in TV interviews. Discourse & society, 22, 48-65.

Marc Wessels

Ik heb Communicatie- en Informatiewetenschappen gestudeerd met een specialisatie in bedrijfscommunicatie. Ik verzorgde eerder de marketingcommunicatie van het Taalcentrum-VU en werk tegenwoordig als communicatieadviseur bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden. Op deze blog vertaal ik als communicatiespecialist interessante en aansprekende communicatieonderwerpen van de theorie naar de praktijk.